Het is een druilerige ochtend in 2025, Karin heeft zich verslapen nadat ze gisteravond tot 5
uur ’s nachts in de kroeg/stripclub heeft gewerkt. Nu haast ze zich naar de universiteit – als ze te laat is mag ze van de brandweer de overvolle collegezaal niet in. Hijgend weet ze nog het laatste plaatsje achter in de collegebanken te veroveren. Het is muf in de zaal en om haar heen staart iedereen in het luchtledige, net als zij hebben ze het geld niet om dit stinkende lokaal te ontvluchten. Ze dagdroomt dat ze in een kleine zonovergoten zaal zit, waar ze met haar medestudenten enthousiast de lesstof bespreekt voordat ze er straks met die leuke docent actief over gaan discussiëren. Dan hoort ze langzaam de monotone stem, die al halverwege het opdreunen van het lesboek is. De docent is blijkbaar ook liever ergens anders.
Dit zou het moment moeten zijn dat Karin ontwaakt en zich realiseert dat dit allemaal slechts een nachtmerrie was; dat goed onderwijs door goede docenten niet voorbehouden is aan een uitverkoren elite en dat het niet uitmaakt dat Karins ouders het niet breed hebben.
Bovenstaand verhaal lijkt misschien niet realistisch, met de toekomstschets uit de strategische agenda van Halbe Zijlstra zal dit echter wel werkelijkheid worden. Universiteiten mogen straks voor beter onderwijs meer collegegeld vragen, dit bedrag kan oplopen tot tienduizenden euro’s per jaar. Door deze enorme stijging in het collegegeld, zullen studies van excellent niveau alleen nog toegankelijk zijn voor studenten met rijke ouders. De modale Nederlandse ouder is niet in staat om dit hoge collegegeld voor zijn kinderen te betalen. Daarom zullen de meeste studenten drie opties hebben, namelijk: ervoor kiezen om een flinke lening aan te gaan, veel uren werken of de excellente studie door de hoge kosten niet volgen.
De huidige economische crisis toont aan dat het voor een maatschappij niet goed is wanneer haar burgers enorme schulden hebben. Daarnaast bestaat er vooral bij de sociaal zwakkere groepen – voor wie een lening noodzakelijk is wanneer zij excellent onderwijs willen volgen – veel leenangst. De reden waarom studenten nu al minder tijd aan studie besteden, is dat ze zoveel werken. Een aanzienlijk deel van de studenten werkt nu al zoveel dat hun studie hier onder lijdt, blijkt uit onderzoek van de landelijke studentenvakbond. Excellent onderwijs vergt meer studietijd van de student. Hierdoor is het onmogelijk om door middel van een bijbaan de collegegelden te verdienen en tegelijkertijd de studie succesvol af te ronden. Dit alles maakt dat het niet volgen van een excellente studie de enige optie is voor het gros van de studenten.
Op deze manier ontstaat er een tweescheiding in het hoger onderwijs: Studenten die al tot de economische elite behoren krijgen meer kansen en beter onderwijs. De betere, meer ervaren docenten zullen aan deze excellente studenten les gaan geven waardoor het reguliere onderwijs (90 procent van de studenten) genoegen moet nemen met ouderejaars studenten en net afgestudeerde docenten. Deze minder ervaren docenten zullen waarschijnlijk over minder onderwijsgevende kwaliteiten of kennis beschikken. Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat in een dergelijk onderwijsklimaat minder verwacht zal worden van reguliere studenten, zij horen immers toch niet bij de excellente top. Reguliere studenten zullen het gevoel hebben dat zij minderwaardig zijn en niet over voldoende talent beschikken. Het gevolg hiervan is dat docenten minder van studenten verwachten en de prestaties van reguliere studenten dalen (selffulfilling prophecy).
Collegegelddifferentiatie is echter wèl de wensdroom van de regering en de vereniging van universiteiten (VSNU). Zij zijn er van overtuigd dat collegegelddifferentiatie tot beter onderwijs leidt. Jammer genoeg geldt dit niet voor de grote meerderheid aan studenten die het reguliere onderwijs volgen. Dit betekent dat het niveau van het gehele hoger onderwijs en daarmee de ambitie om een kenniseconomie (top 5 van de wereld!) te worden, achteruit gaat. De overheid vraagt eigen verantwoordelijkheid van studenten en extra investeringen van zowel studenten en instellingen zonder daar zelf ook maar enige bijdrage aan te leveren.
Als we echt tot onderwijs van hogere kwaliteit willen komen moet de overheid hierin durven investeren, zodat alle studenten, dus ook Karin goed onderwijs genieten!
Tim van den Brink, Margje Kamerling