Ruim twee weken na de Tweede Kamerverkiezingen van 7 juni is de formatie van een nieuw kabinet de snuffelfase nog niet ontstegen. De webredactie van de LSVb is benieuwd naar de mogelijke gevolgen van de verschillende denkbare coalities voor de toekomst van het hoger onderwijs en de Nederlandse kenniseconomie.
Door: Jasmijn Mioch, lid van de onafhankelijke LSVb-webredactie
De nipte winst van de VVD op de PvdA betekent dat Rutte als eerste mag gaan rondkijken naar mogelijke coalities. Dit rondkijken, ook wel snuffelen genoemd, gebeurt onder leiding van de VVD-informateur Uri Rosenthal. Inmiddels hebben de meest logische coalities de snuffelronde niet doorstaan en kan de verkennende fase opnieuw worden opgestart. Omdat ook de webredactie niet in de toekomst kan kijken zetten we drie hypothetische coalities op een rij, aangevuld met de mogelijke gevolgen voor investeringen in het hoger onderwijs.
De Nationale Coalitie: VVD, PvdA & CDA - 82 zetels
Over Rechts: VVD, PVV & CDA - 76 zetels
Paars Plus: VVD, PvdA, D66 & GroenLinks - 81 zetels
Nationale Coalitie
De VVD en PvdA – de twee grootste partijen – pleiten beide voor het omvormen van het huidige studiefinancieringssysteem naar een rentedragende lening voor studenten. Het verschil is dat de VVD, naast het invoeren van een leenstelsel voor studenten, ook de aanvullende beurs wil afschaffen en de instellingen voor hoger onderwijs zelf wil laten bepalen hoe hoog het collegegeld wordt. In onderhandelingen voor een Nationale Coalitie tussen de twee grootste partijen en het CDA zou het punt onderwijs nog wel een lastige kunnen worden aangezien het CDA campagne heeft gevoerd met de roep om de studiefinanciering niet te wijzigen.
Over Rechts
Naast het CDA is ook de PVV tegen de afschaffing van de basisbeurs voor studenten en in een coalitie over rechts zou dat kunnen betekenen dat de VVD op dit punt moet inbinden. Het probleem met deze coalitie is echter dat de twee partijen die voor het behoud van de studiefinanciering zijn (CDA en PVV) niet willen investeren in hoger onderwijs an sich. De PVV heeft niets over onderwijs in haar verkiezingsprogramma staan. De VVD, daarentegen, wil met het miljard dat wordt bespaard met het omvormen van het stelsel van de studiefinanciering de kwaliteit van het hoger onderwijs verbeteren door middel van docentprofessionalisering.
Paars Plus
D66, de partij die zich als onderwijsminnend profileert, wil niet bijzonder veel in het hoger onderwijs investeren. Zo investeert D66 wel 2,5 miljard in het onderwijs, maar gaat er slechts 270 miljoen naar het hoger onderwijs. De partij heeft echter wel als doel de kenniseconomie een impuls te geven.
Het zijn juist de investeringen in de kenniseconomie die zich later terugbetalen. Zoals blijkt uit wetenschappelijk onderzoek zijn juist investeringen in onderwijs, innovatie en wetenschap zeer rendabel. GroenLinks is volgens de analyse van het Centraal Planbureau(CPB) het meest bereid te investeren in innovatie en wetenschap, gevolgd door de SGP en D66. De investeringen van PvdA, GroenLinks en VVD hebben volgens de berekeningen van het CPB op de lange termijn het meest positieve effect op het bruto binnenlands product.
Zo bezien heeft een Paars Plus-coalitie het meest te bieden voor ieder die van Nederland een sterke kenniseconomie wil maken. Voor studenten die de komende tijd hun studiefinanciering willen behouden is een coalitie over rechts met de VVD, PVV en het CDA weer positief. In dat geval moeten ze echter wel zorgen dat ze met hun studie niet langer dan een jaar uitlopen, want het CDA pleit voor een hoger collegegeld na de reguliere studietijd plus een jaar.

Bron: CPB, Keuzes in Kaart