Vorig jaar verscheen “Getekend door een Academisch leven”. Het is een overzichtswerk van Kees Willemen, die al bijna vijftig jaar tekent over studenten en hoger onderwijs. Hij deed dit voor onder andere Trouw, het Nijmeegs Universiteitsblad en een boek ter ere van het 12,5-jarig bestaan van de LSVb. Momenteel tekent hij onder andere voor de UK, het blad van de RUG, en werkt hij aan een boek met negentiende-eeuwse reisverhalen. De webredactie sprak met deze politiek tekenaar die al een halve eeuw het universitaire gebeuren volgt.
Door János Betkó, lid van de onafhankelijke LSVb-webredactie
Hoe ben je op het idee gekomen om “Getekend door een academisch leven” uit te brengen?
‘Het boek is ontstaan uit een serie tentoonstellingen. Deze hadden elk een eigen thema, dat begon met “getekend door...” Ik wilde al lang een tentoonstelling maken van mijn universitaire tekeningen. De collectie bestaat uit meer dan 9000 tekeningen, die het Instituut voor Internationale Geschiedenis in bewaring heeft. Toen die collectie eenmaal ontsloten was voor de tentoonstelling, kon het boek ook verschijnen. Je moet het boek niet zien als een overzichtswerk, maar eerder als een biografische schets.’

Je hebt inmiddels al een flink aantal ministers en staatssecretarissen van onderwijs voorbij zien komen. Hoe zie jij voormalig minister Plasterk als je hem afzet tegen zijn voorgangers?
‘De universiteit van nu is geworden wat hij was in de tijd van Deetman, in de jaren tachtig. Onder hem begon het afbraakbeleid, er is toen heel veel bezuinigd. Ook de positie van de student en het personeel begon toen te verslechteren. Het wetenschappelijk personeel heeft toen gezwegen, en heeft zich het zwijgen op laten leggen door het management. Men trok zich terug in vakidioterie en voelde zich niet langer verantwoordelijk voor de academie. De bezuinigingen waren erg demotiverend voor het personeel dat wel nog interesse had in bestuur. Als gevolg van het beleid nam zowel de betrokkenheid van studenten als die van docenten af. Ritzen, die daarna kwam, was meer een technocraat. Plasterk is verbaal heel begaafd. Die 100 miljoen aan onderzoeksgelden die hij overgeheveld heeft was echter pseudodynamiek, hierdoor zijn soorten onderzoek weggevallen.’

Wat heb je zien veranderen in de vele jaren dat je de academie volgt?
‘De tijdsgeest is echt veranderd. In de jaren tachtig was het gebruikelijk dat studenten zo veel mogelijk rondkeken en de maatschappij probeerden te verbeteren. Dat is helemaal verschoven. Veel studenten van nu studeren vooral voor hun eigen portemonnee. Er is weer een houding van individueel materialisme onder studenten, een soort “als het goed gaat met mij dan is dat ook goed voor de maatschappij”-gevoel. Ik heb het idee dat niet alle universiteitsraden dat goed begrepen hebben. Studenten onderschikken zich tegenwoordig behoorlijk op de universiteit: qua kleding, gedrag, het belang dat aan het CV wordt gehecht. Oorzaak hiervan zie ik voor een groot deel in de jaren tachtig liggen. Er was toen een enorme werkloosheid onder academici en er vielen veel ontslagen in de publieke sector. Studenten hebben zich als gevolg daarvan meer richting de markt gekeerd.’
‘Een andere belangrijke verandering ten opzichte van vroeger is de ‘vermeiderisering’. Vroeger studeerden vooral jongens, tegenwoordig zijn er veel meer meiden. Dat zorgt voor een enorme cultuuromslag. ‘Babe power’. Er is veel meer aandacht voor mode. Jongens gaan vaak wat sullig om met deze verandering. De academische cultuur is ook wat fysieker geworden: sport, fitness, bewegen, het is allemaal meer aanwezig. De verhouding geest-lichaam is nu heel anders dan in bijvoorbeeld de jaren zestig, toen het feminisme opkwam. Vroeger was een studente in een mantelpakje zeer conservatief, nu is het doodnormaal. Ook studerende jongens lopen sneller in pak. Het is het uniform van de academische loonslaaf geworden.’
‘Het grote verschil is dat studeren tegenwoordig verschoolst is. Studenten hebben het over “leren, toetsen, les krijgen”, dat was niet zo toen ik studeerde. Ook als ik naar de lesboeken kijk die nu gebruikt worden, zie ik die verschoolsen. Studenten van nu benadrukken de studeerbaarheid niet genoeg. Het studeren van nu is een vorm van intensieve veehouderij, veel academische waarden zijn verdwenen. Er is sprake van een enorme massaliteit; faculteiten kunnen de grote aantallen studenten kwalitatief gezien helemaal niet aan. Als ik kijk naar de jaren zestig, dan bestudeerden we stukken uit de Frankfurter Schule, in de Kritische Universiteit-beweging. Tegenwoordig spreken de Duitse studenten Engels met studenten in Nederland. Er zijn ook dingen die beter gaan, veel aandacht gaat uit naar schrijven, presenteren, en communicatieve vaardigheden. Maar het is allemaal uitvoerend. Studenten zijn bezig met het samenvatten van het uitreksel van het uitreksel. De massa van de studenten denkt niet genoeg zelf na, mist kritisch denkvermogen. Dat zie je terug in promoties. Tegenwoordig kan je promoveren met een aantal kleine onderzoekjes waar je artikelen over schrijft, in plaats van op een groot, gedegen onderzoek. De academie zou moeten zijn: willen weten hoe dingen werken, nieuwsgierigheid, uitdaging, geïnspireerd worden door het verhaal van de docent en dan zelf op onderzoek uitgaan!’
‘Ik zie de universiteit als de hoogste opleiding die je in Nederland kan doen. In tegenstelling tot het hbo is de universiteit geen onderwijsfabriek, maar kun je echt een kijkje nemen in de keuken van de te onderzoeken werkelijkheid. Ik zou tegen universitaire studenten zeggen: leer niet alleen de lesjes die je moet leren, probeer ook te begrijpen wat het betekent om fundamenteel te onderzoeken, dat is de academische beschaving.’
Niet iedereen zal blij zijn met dit beeld van hogeschool en universiteit.
‘Dat interesseert me niet. Als je het verschil met het hbo niet voelt, dan is er iets mis, of bij je onderwijzers of bij jezelf. Eis dat voor je dure collegegeld je deze kennis wordt aangeboden. Aan het eind van de universiteit moet je een ander mens zijn dan aan het begin.’

Tekeningen door Kees Willemen, afkomstig van het boek “Getekend door een academisch leven” uitgegeven bij uitgeverij Aksant
Meer van Kees Willemen op www.keeswillemen.nl