Democratie bij gebrek aan beter
Moldavië is een voornamelijk agrarisch land, het armste van Europa. Het ligt ingeklemd tussen Roemenië en Oekraïne. Moldavië is in 1991 onafhankelijk geworden van de Sovjet-Unie. De officiële talen van Moldavië zijn het Russisch en het Roemeens. In de twee autonome regio’s Transdnjestrië en Gagauzië doen zich etnische spanningen voor.
Moldavië is het armste land van Europa. 80 (!) procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. De grootste armoede vind je op het platteland. Buiten de hoofdstad Chisinau is op de meeste plaatsen (behalve in andere wat grotere steden) geen stromend water. De werkeloosheid bedraagt 30%. Daarnaast werkt zo’n 25 procent van de werkende bevolking in het buitenland. Er zijn dorpen waar alleen nog maar kinderen en bejaarden wonen.
Volgens de Amerikaanse politicoloog Lucan Way kent Moldavië alles behalve een democratische cultuur. Hij noemt het ‘pluralism by default’: er is geen pluralistische democratie, maar een gefaalde autoritaire staat. Geen partij is sterk genoeg om het vacuüm dat de Sovjet Unie achter liet op te vullen, geen partij kan de andere overheersen. Daarom houdt men het maar bij een pluralistische democratie. Het lijkt er erop dat men maar wat aanrotzooit; leiders willen elkaar niet de bal toespelen uit angst zelf macht te verliezen en uit de consternatie en de diepe verdeeldheid was toen ‘zomaar’ een parlementaire democratie geboren.
Nu recent de goed georganiseerde communistische partij echter weer aan de macht is gekomen (Moldavië was het eerste voormalig sovjetland dat een communist tot minister-president koos), gaat het systeem weer meer autoritaire trekjes vertonen. Anderhalf jaar nadat de communistische partij aan de macht was gekomen was tweederde van de rechters vervangen door andere rechters. De scheiding der machten laat dus te wensen over. Daarnaast vindt omkoping van rechters plaats.
Al met al geen politieke situatie om vrolijk van te worden.
Naomi Woltring (UvA)