Category Archives: Internationaal

Internationaal Persberichten samenwerking

verhoging kosten verblijfsvergunning maakt kennismigratie onaantrekkelijker

Minister Leers (Immigratie en Asiel) kondigde op 27 juni aan per 1 juli 2011 de legestarieven voor verblijfsvergunningen voor kennismigranten, studenten en gezinsleden van buiten de EU te verhogen. Studenten buiten de EU krijgen te maken met legestarieven die zullen toenemen met € 150, een stijging van ongeveer 33%. De Vereniging van Universiteiten (VSNU), de HBO-raad, het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) en de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb) verwachten dat deze nieuwe en overhaaste verhoging van de leges ervoor zal zorgen dat Nederland minder aantrekkelijk wordt voor kenniswerkers. Hierdoor komt de Nederlandse kennis-economie verder onder druk te staan.

Het besluit om de legestarieven voor de verblijfsvergunning te verhogen staat in schril contrast met de kabinetsambities om Nederland terug te brengen tot de wereldtop vijf van kenniseconomieën. Ook negeert het kabinet hiermee het recent uitgebracht advies van de topteams uit het topsectorenbeleid van EL&I. De topteams adviseren het kabinet om meer hoog opgeleid talent aan te trekken uit het buitenland om aan de vraag van de arbeidsmarkt te kunnen voldoen. “Het kabinet werpt een nieuw obstakel op om in de wereldtop vijf te komen. Alsof je de regels verandert midden in een essentiële wedstrijd,” aldus Sijbolt Noorda voorzitter van de VSNU.

Late aankondiging
“We zijn tot de conclusie gekomen,” gaat Hendricks verder, “dat er een gezamenlijke en laagdrempelige voorziening in het leven geroepen moet worden. We onderscheiden twee groepen studenten voor wie deze regeling van belang is. Ten eerste de groep van 86 afgestudeerden waarvan de NVAO op basis van de afstudeerwerkstukken heeft geoordeeld dat het niveau als onvoldoende is beoordeeld. Ten tweede de groep afgestudeerden die in de periode 2007-2010 aan de vijf onderzochte opleidingen (Bedrijfseconomie Haarlem; CE Diemen, MEM Haarlem, MEM Rotterdam en Vrijetijdsmanagement Diemen) zijn afgestudeerd. Deze laatste groep krijgt een aanvullende aanbod o.a. bestaande uit masterclasses.”

Het kabinetsbesluit zet de onderwijsinstellingen in een onmogelijke positie: de termijn tussen de aankondiging van de verhoging en de ingangsdatum (4 werkdagen) is te krap om de studenten goed te informeren over de gestegen legeskosten en om de procedures aan te passen. De bedragen zijn al aan de studenten gecommuniceerd en in sommige gevallen zelfs al geïnd. Deze vorm van onbehoorlijk bestuur is bijzonder schadelijk voor de reputatie van de instellingen en van Nederland ten aanzien van de internationale studenten. Daarbij komt ook nog dat deze gang van zaken in strijd is met verplichtingen van de onderwijsinstellingen uit de Gedragscode internationale student hoger onderwijs, die verankerd is in de Migratiewetgeving. De Gedragscode stelt dat de onderwijsinstelling tijdig betrouwbare informatie met betrekking tot bijkomende kosten ter beschikking moet stellen aan de internationale student. Door de late aankondiging van de legesverhoging worden de instellingen belemmerd om aan deze verplichting te voldoen.

Afgelopen jaren hebben de hoger onderwijsinstellingen steeds meer taken overgenomen van de IND. Toch motiveert het kabinet haar beslissing door te wijzen naar kostendekkendheid van de verblijfsvergunningen voor de IND. De Nederlandse tarieven voor verblijfsvergunningen behoorden al vóór deze verhoging tot de hoogste van de EU-lidstaten, die ook het principe van kostendekking hanteren.

actie Internationaal Persberichten samenwerking

help Nuffic met onderzoek studeren in het buitenland

Het Nuffic doet op dit moment onderzoek naar de voorlichting over studie en stage mogelijkheden in het buitenland. In het bijzonder wordt er gekeken naar de huidige ontwikkelingen in het hoger onderwijs en de mate waarin de WilWeg-campagne van Nuffic hierop zou kunnen inspelen. 

De enquête neemt circa 15 minuten in beslag. Het onderzoek kan er voor zorgen dat de voorlichting van WilWeg beter aangepast kan worden aan de wensen van studenten. Onder de deelnemers worden bovendien drie Lonely Planets naar keuze verdeeld! Klik hier om de enquête in te vullen.

Internationaal van de redactie

Studeren of stage lopen in het buitenland – hoe regel je dat?

Terwijl de mogelijke afschaffing van studiefinanciering en de verhoging van het collegegeld veel studenten doet overwegen om een volledige studie in het buitenland te gaan volgen, geven wij nog tips voor de studenten voor wie een uitwisseling alleen ook genoeg is. Studeren in het buitenland levert je op persoonlijk vlak een onvergetelijke ervaring op en het maakt je op de arbeidsmarkt een stuk aantrekkelijker. Laat je dan ook nergens door weerhouden, maar regel het wel op tijd. Een goede voorbereiding voor een uitwisseling begint ruim een jaar van te voren.

De voorbereiding begint met het oriënteren op de mogelijkheden, waarvoor je je het beste kan wenden tot het bureau buitenland van je universiteit of hogeschool. Daar kan iemand je vertellen met welke instellingen in het buitenland jouw thuisinstelling uitwisselingsovereenkomsten heeft gesloten. Ook de website van het Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs, kan je verder helpen.

De makkelijkste manier om naar het buitenland te gaan is met een uitwisselingsprogramma. Groot voordeel van een uitwisselingsprogramma is dat er al veel geregeld is en dat je wordt vrijgesteld van collegegeld aan de gastinstelling. Meestal gaat het progamma gepaard met een beurs, zoals de Erasmusbeurs (250 euro per maand) voor landen binnen Europa en Fullbright (ruim 9000 euro in totaal) voor de Verenigde Staten.

Als je naar een universiteit of hogeschool wilt waar jouw instelling geen overeenkomst mee heeft gesloten, moet je bij de instelling van je keuze nagaan welke procedures deze hanteert. Waarschijnlijk zul je dan wel aan aanvullende eisen moeten voldoen, terwijl bijvoorbeeld het Erasmusprogramma voor iedereen met een propedeuse toegankelijk is. Ook als je je verblijf in het buitenland helemaal zelf regelt, of als je pas na het behalen van je bul naar het buitenland wilt, bestaan er beursmogelijkheden. Kijk op Beursopener om te zien voor welke beurs(en) je in aanmerking komt.

Behalve een eventuele beurs, gaat je studiefinanciering gewoon mee en daar komt nog eens 83 euro bovenop als je bij de Dienst Uitvoering Onderwijs (voorheen IB-Groep) een vergoeding voor je ov-kaart aanvraagt.

Je doet er verstandig aan ook contact op te nemen met de studieadviseur. Met hem/haar bespreek je welke vakken je in het buitenland volgt en welke vakken deze vervangen. Zo voorkom je studievertraging. Zorg ervoor dat je duidelijke afspraken maakt over de erkenning van studiepunten behaald in het buitenland. Zeker als je naar een land gaat waar niet met ECTS wordt gewerkt, moet je van te voren afspreken hoe zwaar de buitenlandse studiepunten tellen.

Om je voor te bereiden op een vreemde taal, kun je thuis alvast een cursus volgen, bijvoorbeeld aan het taleninstituut van je universiteit. Je kunt ook overwegen om een minor te volgen waar je studiepunten voor kunt krijgen. En meestal biedt de gastuniversiteit ook cursussen aan voor buitenlandse studenten. Wil je thuis alvast oefenen met spreken, dan is het een leuk idee om een taalduo te maken. Vraag eens na bij buitenlandse studenten of iemand met je wil oefenen. Als je in de buurt van Amsterdam woont of studeert kun je op het forum student-language-exchange een oproep doen om een bepaalde taal te oefenen met een native-speaker. Zelf biedt je dan jouw Nederlands aan of een andere taal die je vloeiend spreekt.

Als je een bijbaantje wilt in het buitenland, kun je daar het beste ter plaatse achteraan gaan. Een tip voor letterenstudenten is het student-assistentinitiatief van de Nederlandse Taalunie. Er zijn, vooral binnen Europa, universiteiten met een afdeling Nederlands waar je als Nederlandse student ondersteuning kan bieden. Op de website van de Nederlandse Taalunie vind je de betreffende universiteiten en informatie over hoe je je kandidaat kan stellen.

FAQ Juridische Dienst Internationaal

Ik kom uit het buitenland en heb niet de Nederlandse nationaliteit. Op dit moment ben ik jonger dan 30 jaar en sta ik in Nederland ingeschreven voor een voltijd opleiding in het hoger onderwijs. Kan ik studiefinanciering ontvangen?

Je hebt alleen recht op studiefinanciering als je een burger van een land van de Europese Unie of een EER land bent én je voldoet aan één van de volgende voorwaarden :

  1. Je ouders hebben voor jou in het voorafgaande schooljaar een tegemoetkoming ouders ontvangen.
  2. Je hebt een voor studiefinanciering geldige verblijfsvergunning.
  3. Je komt als student uit een andere EU/EER-lidstaat (of Zwitserland) en werkt minimaal 32 uur per maand in Nederland.
  4. Je bent een student uit een andere EU/EER-lidstaat en één van je ouders of je partner werkt ten minste 32 uur per maand in Nederland. Deze ouder of partner moet ook uit een andere EU/EER-lidstaat (niet Nederland) of Zwitserland afkomstig zijn.
  5. Je bent een student uit een andere EU/EER-lidstaat of uit Zwitserland en je woont vijf jaren aaneengesloten in Nederland.
Internationaal van de redactie

voorstel Voordewind ervaring opdoen in het buitenland

“Deskundigheid exporteren, werkervaring opdoen en studieschulden wegwerken”, dat is het drieledige doel van de ‘Koenders-banen’. Tweede Kamerlid Joël Voordewind (ChristenUnie) kwam onlangs met een voorstel tot het instellen van dergelijke uit de staatskas gefinancierde banen, waarmee volgens zijn partij drie vliegen in een klap geslagen konden worden. 

Joël Voordewind, die verder niet voor nader commentaar bereikbaar was, ziet in zijn weblog dat afgestudeerden met een tweetal problemen worstelen. , zoals het hebben van buitenlandervaring, studies in het buitenland enzovoort”. Dit gebrek aan relevante ervaring zou ondervangen kunnen worden door een verblijf in het buitenland op vrijwillige basis, ware het niet dat afgestudeerden veelal opgezadeld zitten met een studieschuld die terugbetaald dient te worden. De financiële realiteit vormt in die zin een rem op de ambities van de starters op de arbeidsmarkt, omdat vrijwilligerswerk voor het opdoen van ervaring geen optie meer is.

De oplossing voor deze problemen zou liggen in het instellen van ‘Koenders-banen’, vernoemd naar de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking. Een afgestudeerde zou volgens Voordewind middels een dergelijke baan voor een bepaald aantal jaren “in aanmerking komen voor uitzending naar een ontwikkelingsland of –project waar zijn/haar expertise benut kan worden. Daarvoor krijg je een onkostenvergoeding voor het levensonderhoud ter plekke. Het andere deel van het ‘salaris’ is de aflossing van je studieschuld”. Op deze manier kan er ervaring opgedaan worden op de arbeidsmarkt, wordt tegelijkertijd de studieschuld deels afgelost en profiteren de ontwikkelingslanden van de kennis en vaardigheden die de afgestudeerden tijdens hun studie opgedaan hebben.

Tijdens het begrotingsoverleg Ontwikkelingssamenwerking is dit voorstel aan de orde geweest. Een woordvoerder van minister Koenders meldt “dat het bij een voorstel is gebleven. Koenders heeft de suggestie niet overgenomen. Er bestaat namelijk al een regeling voor jonge academici, die niet wordt uitgebreid”. Voor academici zou de eis van werkervaring namelijk niet gelden, waardoor het veronderstelde probleem voor hen in ieder geval niet bestaat. Een van de problemen die Voordewind signaleerde bestond blijkbaar niet, althans niet voor academici.

Een beleidsmedewerker van de SP-fractie, die allereerst aangeeft dat de SP “het een slecht voorstel vindt”, weet verder mede te delen dat het voorstel betrekking zou hebben op 40 à 50 afgestudeerde hbo-studenten. Zij voegt toe dat “het opdoen van werkervaring en het afbetalen van de studieschuld door pas afgestudeerde hbo’ers volgens de SP ook niet behoort tot de doelstellingen van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid. En wij vinden al helemaal niet dat hier Nederlands ontwikkelingsgeld voor beschikbaar moet worden gesteld.”

Uiteindelijk bleek het voorstel van Voordewind dus slechts betrekking te hebben op een kleine groep afgestudeerden en kon er geen steun gevonden worden voor het voorstel. Verder dan een proefballonnetje is het met dit voorstel dan ook niet gekomen, omdat een vermeend probleem voor academici al ondervangen was. Voor de afgestudeerde hbo’ers met gebrek aan werkervaring en een studieschuld dient er een andere oplossing gevonden te worden. Tot die tijd moeten de ontwikkelingsgebieden dus wachten op de benodigde expertise.